dinsdag 20 november 2012

Motieven die het stemgedrag van Nederlandse kiezers bepalen

Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw winnen en verliezen politieke partijen bij Tweede Kamerverkiezingen vaak veel zetels. De oorzaak hiervan is dat kiezers steeds veranderlijker zijn geworden in hun stemgedrag. Bij opeenvolgende verkiezingen wisselen ze vaker van partijvoorkeur. Dit wijst erop dat kiezers zich meer laten leiden door korte termijn factoren. Dit kunnen bijvoorbeeld de eigenschappen van politici zijn die op het moment lijsttrekkers zijn van de partijen. Veelal wordt beweerd dat mensen steeds vaker stemmen op een partij met een als sympathiek en competent ervaren lijsttrekker. Omdat tegenwoordig in de campagnetijd van verkiezingen de lijsttrekkers alom aanwezig zijn in de media, zou het in toenemende mate om personen gaan in plaats van de beleidsstandpunten van partijen. Verder wordt beweerd dat tegenwoordig veel kiezers stemmen vanwege strategische overwegingen. Ze zouden geneigd zijn te stemmen op partijen die goed in de peilingen staan en grote kans maken deel te nemen aan een nieuwe regering.
Hebben Nederlanders bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 inderdaad voornamelijk gestemd vanwege de eigenschappen van lijsttrekkers of uit strategische overwegingen? In hoeverre speelt anno 2012 het geloof van de kiezer nog een rol in het stemhokje? En hebben kiezers van verschillende partijen verschillende motieven voor hun stemkeuze?

Dit zijn vragen die we kunnen beantwoorden met de grootschalige enquête die I&O Research begin oktober jl. heeft gehouden onder 4700 respondenten. Respondenten die hebben gestemd bij de Tweede Kamerverkiezingen is gevraagd wat voor hen belangrijke redenen waren om te stemmen op de gekozen partij. In de enquête zijn hen 14 verschillende mogelijke redenen voorgelegd. Hierbij konden zij meerdere redenen aangeven die volgens hen belangrijk waren voor hun stemkeuze.

In bijgevoegde tabel staat vermeld welk percentage van de kiezers een van de 14 redenen heeft aangegeven voor de partijkeuze.

De meest opmerkelijke bevindingen in de tabel zijn de volgende:
Vier van de tien kiezers (43%) geeft aan dat de standpunten van de partij belangrijk waren voor de stembeslissing.

Drie van de tien (31%) geeft aan dat de ideologie of maatschappijvisie van de partij een belangrijke rol speelde bij de stemkeuze.

Bijna acht van de tien kiezers (78%) heeft beleidsinhoudelijk gestemd. Dit zijn kiezers die ten minste een van de volgende redenen hebben aangegeven: ideologie/maatschappijvisie, beleidsstandpunten, (on)tevredenheid met het beleid van het kabinet Rutte I, de gekozen partij moet veel invloed op het beleid krijgen, de gekozen partij komt op voor de belangen van de eigen groep of de eigen regio.

Een derde (34%) heeft strategisch gestemd. Dit zijn kiezers die op een partij hebben gestemd om ervoor te zorgen dat deze partij veel invloed heeft op het kabinetsbeleid, of om te voorkomen dat een andere partij teveel macht krijgt.

Een derde van de kiezers (32%) heeft een partij gekozen vanwege de eigenschappen van de lijsttrekker van deze partij. Dit zijn kiezers die vertrouwen hebben in een lijsttrekker of deze persoon sympathiek vinden.

De tijd waarin religie een voorname rol speelt bij stemgedrag is voorbij. Anno 2012 geeft een minderheid van een op de tien kiezers (9%) aan dat zij op een partij heeft gestemd omdat deze het geloof van de kiezer vertegenwoordigt.

Respondenten die meerdere redenen hebben aangegeven voor hun stemkeuze, is een vervolgvraag gesteld waarin zij konden aangeven welk van de opgegeven redenen de meest belangrijke was. Deze vervolgvraag maakt het mogelijk om voor alle kiezers na te gaan wat voor hun de doorslaggevende reden was voor de partijkeuze.
Bij iets minder dan de helft van de kiezers (44%) was een beleidsoverweging een doorslaggevende keuze. Bij een op de tien (9%) waren strategische overwegingen het meest belangrijk. Slechts 4% gaf aan dat de waardering van eigenschappen van de lijsttrekker het belangrijkste motief was. De helft (51%) van de kandidaat georiënteerde stemmers noemde een beleidsoverweging als meest belangrijke reden. Bij een marginale 3% van de kiezers was het geloof van doorslaggevende betekenis.

Belangrijke redenen van partijkeuze, naar partijachterban
De belangrijke redenen die respondenten hebben aangegeven voor de stemkeuze kunnen we verder uitsplitsen naar partijachterban.

CDA-kiezers geven beduidend minder dan andere kiezers aan dat de standpunten van de partij een motief waren voor de partijkeuze (27%). De kiezers van de PVV, Groen Links, SGP en Partij voor de Dieren geven meer dan gemiddeld de standpunten aan als reden (respectievelijk 57%, 57%, 66% en 62%).

De ideologie/maatschappijvisie wordt vaak als reden aangegeven door kiezers van D66, Groen Links en de Partij voor de Dieren (respectievelijk 44%, 73% en 63%). Slechts 6% van de 50Plus kiezers noemt de ideologie/maatschappijvisie van de partij als reden. Dit aantal is eveneens relatief laag bij VVD- en PVV-kiezers (een kwart van de kiezers).

Beleidsinhoudelijke motieven (standpunten, ideologie/maatschappijvisie of andere motieven die verwijzen naar beleid) worden het meest genoemd door kiezers van de SP, PVV, Groen Links en 50Plus (negen van de tien kiezers). Kiezers van het CDA stemmen het minst om beleidsinhoudelijke redenen (61%).

Strategische overwegingen hebben een belangrijke rol gespeeld bij kiezers van de PvdA en de VVD. Bijna de helft van deze kiezers (respectievelijk 44% en 46%) heeft (mede) op de gekozen partij gestemd om ervoor te zorgen dat deze veel invloed krijgt op het regeringsbeleid, of om te voorkomen dat een andere partij teveel macht krijgt.

Positieve waarderingen van de lijsttrekker (vertrouwen of sympathie) zijn relatief vaak genoemd als stemreden door kiezers van de VVD, PvdA, SP, D66, Christen Unie en SGP (circa een derde van de kiezers). Lijsttrekker evaluaties zijn weinig genoemd door kiezers van de PVV (13%), het CDA (19%), Partij voor de Dieren (17%) en 50Plus (13%).

Weinig verassend wordt geloof vaak als reden genoemd door kiezers van de Christen Unie en de SGP (respectievelijk twee derde en driekwart van de kiezers). Opmerkelijk is dat tegenwoordig nog maar een kwart (25%) van de CDA-kiezers verwijst naar hun geloof als reden voor de partijkeuze.

Samenvatting en conclusie
De resultaten van het onderzoek laten zien dat het beeld dat het tegenwoordig bij verkiezingen voornamelijk om de poppetjes gaat, niet klopt. Acht van de tien kiezers stemt beleidsinhoudelijk. Bij bijna de helft zijn beleidsinhoudelijke redenen doorslaggevend. Een derde van de kiezers laat waarderingen van lijsttrekkers in belangrijke mate meewegen bij de stembeslissing. Echter bij slechts 4% waren deze waarderingen de meest belangrijke reden voor de stemkeuze. Bij veel kiezers die kandidaat georiënteerd stemmen, geven beleidsoverwegingen uiteindelijk de doorslag. Strategische overwegingen spelen een substantiële rol van betekenis, bij een derde van de kiezers, en zelfs een doorslaggevende betekenis bij een op de tien. De religieuze oriëntatie speelt tegenwoordig een marginale rol bij het stemgedrag, iets waar met name het CDA bij haar verkiezingscampagnes rekening mee kan houden.

Meer informatie?
Dr. Pieter van Wijnen, politicoloog en publicist, tel 06 4304 1532, mail: pietervanwijnen@hotmail.com
Dr. Rob van de Peppel, algemeen directeur I&O Research, tel: 06 5432 6878, mail: r.a.vandepeppel@ioresearch.nl

Naam:
Email:
Onderwerp:
Bericht:
x