donderdag 16 september 2010

Effectiviteit van inburgering: gemeenten vs inburgeraars

Wanneer is iemand ingeburgerd? Als men aan alle Nederlandse tradities meedoet? Of (accentloos) de Nederlandse taal spreekt? Vrijwilligerswerk doet, naar school gaat of werkt? Er is nog geen eenduidige definitie voor het begrip ‘ingeburgerd’, velen verstaan er iets anders onder.

Om hier enig houvast in te krijgen zijn er eisen opgesteld voor het taalniveau. De inburgeraar voldoet aan de inburgeringsverplichting als men op alle examenonderdelen van het inburgeringstraject minstens het A2-niveau haalt. Gemeenten leggen vast hoeveel inburgeringstrajecten zij jaarlijks willen faciliteren en het slagingspercentage. Om deze beleidsdoelstellingen te evalueren, kan dus gemakkelijk naar de registratiegegevens gekeken worden.

Maar dit is maar één kant van het verhaal. Taal is een hulpmiddel om te kunnen participeren in de maatschappij. Dan is het inburgeringsbeleid pas echt effectief, aldus verschillende gemeenten. De inzet is om inburgeraars aan het (vrijwilligers)werk of aan een studie te krijgen. Om dit te bereiken bieden steeds meer gemeenten duale trajecten aan, waarin het leren van de taal gecombineerd wordt met de praktijk. Ook heeft de rijksoverheid het inburgeringsexamen hier meer op afgestemd, door middel van de cruciale praktijksituaties en het portfolio.

Participeren in de samenleving is een mooi streven, maar hoe ervaren inburgeraars dit zelf? Om dit in kaart te krijgen, kunnen onder meer de volgende vragen gesteld worden: Wat zijn de verwachtingen van inburgeraars over ‘inburgering’? In hoeverre hebben zij na afloop van het traject ook het gevoel ‘ingeburgerd’ te zijn? Vinden zij dat ze voldoende de Nederlands taal beheersen om te gaan werken of studeren? Hoe ervaren zij de begeleiding vanuit de gemeente en van de trajectaanbieder? En werken deze duale trajecten wel? Zorgt dit voor een versnelde participatie?

Naast de registratiecijfers is het daarom van groot belang om in gesprek te gaan met de inburgeraars zelf. Inzicht in de ervaringen van de inburgeraars zorgt voor praktische verbeterpunten voor bijvoorbeeld de schoollocatie, lestijden, aansluiting naar werk en stages en het taalniveau na slagen. Met deze informatie kunnen gemeenten hun inburgeringbeleid waar nodig bijschaven en (verder) optimaliseren of gebruiken in het aanbestedingstraject.

I&O Research heeft voor verschillende gemeenten een evaluatie uitgevoerd naar het inburgeringsbeleid. Uit deze onderzoeken bleek dat inburgeraars die aan de inburgeringsplicht voldoen, vinden dat ze nog onvoldoende Nederlands spreken om te kunnen gaan werken of studeren. Ze missen het zelfvertrouwen om contacten te leggen met Nederlands sprekenden. De behoefte aan een vervolgtaalcursus is groot. Ze willen graag, maar weten niet hoe ze dit moeten oppakken. En ze hebben het gevoel dat de gemeente hen hierbij niet helpt. Hoe is dat geregeld in uw gemeente? En heeft uw gemeente inzicht in de wensen en behoefte van inburgeraars? Kortom: onderzoek is van belang.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Marion Holzmann (senior-onderzoeker): 0229-282551 of m.holzmann@ioresearch.nl

Naam:
Email:
Onderwerp:
Bericht:
x